Hepatitis C

De lever is een erg belangrijk orgaan dat gelegen is boven in je buikholte (en wordt beschermd door je ribben). Je lever heeft uiteenlopende functies, zoals het aanmaken van galvloeistof en de stapeling van vitaminen en mineralen. Bovendien is je lever verantwoordelijk voor de productie van een heleboel essentiële stoffen, zoals eiwitten en vetten. Je lever zal eveneens giftige stoffen en medicijnen onschadelijk maken en een voorname rol vervullen bij het op peil houden van je energiehuishouding.

De lever kan dus zonder twijfel een bijzonder orgaan worden genoemd. Zeker ook gezien de grote reservecapaciteit en het enorme vermogen om zichzelf te herstellen. Bij een volwassen mens heeft een lever een gemiddeld gewicht van circa anderhalve kilo en kan qua grootte worden vergeleken met een voetbal. Op het moment dat een gedeelte van je lever weg wordt genomen, of uitvalt, zal het overgebleven stuk weer aangroeien. Het resterende deel van je lever zal dan echter wel gezond en voldoende groot moeten zijn.

De grote reservecapaciteit van je lever zal er voor zorgen dat een leverziekte in het gros van de gevallen pas in een laat stadium aan het licht zal komen. In een vroeg stadium zul je immers weinig klachten of symptomen ontwikkelen omdat het gezonde deel van je lever de taken overneemt van het stuk dat door ziekte is aangedaan.

Wat is hepatitis C?

Hepatitis is een virale ontsteking van de lever. Er zijn echter diverse soorten hepatitis, omdat een ontsteking van de lever verschillende, virale- en niet virale, oorzaken kan hebben. Hepatitis C is echter een ontsteking van je lever die het gevolg is van een virusinfectie. Bij hepatitis C ben je besmet met het hepatitis C-virus waardoor je andere klachten en symptomen kunt ontwikkelen dan bij hepatitis A en B. Al deze vormen zijn overigens wel leverontstekingen die veroorzaakt zijn door virussen en worden om die reden ook vaak virale hepatitis genoemd.

Ontdekking van het hepatitis C-virus

Het hepatitis C virus is pas in het jaar 1989 bekend worden. Voor die tijd werd bloed dat nodig was bij bloedtransfusie dan ook niet op de aanwezigheid van dit virus onderzocht. Om die reden zijn een heleboel mensen, die voor die tijd een bloedtransfusie hebben ondergaan, besmet met hepatitis C. Vandaag de dag komt gelukkig in ons land niet meer voor omdat bloed altijd op hepatitis C wordt getest voordat het beschikbaar wordt gesteld voor een transfusie.

Symptomen van hepatitis C

Een besmetting met het hepatitis C-virus kan een leverontsteking tot gevolg hebben. Dit kan ernstige symptomen en klachten tot gevolg hebben, maar even goed niet worden opgemerkt om de ziekte symptoomloos verloopt. In allebei deze gevallen zul je echter wel besmettelijk zijn voor anderen.

Het is mogelijk dat er pas na tien to zelfs twintig jaar na een besmetting klachten en symptomen ontstaan. Hepatitis C neemt in de regel een chronisch vorm aan: circa 8 op de 10 mensen die besmet zijn, krijgen te maken met een chronische ontsteking van hun lever. Dit betekent dat hepatitis C virus je lichaam niet zal verlaten en als gevolg daarvan je lever ernstig kan laten ontsteken. Bij ongeveer 20 procent van de gevallen van chronische hepatitis C zal zich cirrose ontwikkelen. Cirrose is een ernstige leverziekte, waarbij gezond leverweefsel om wordt gezet in littekenweefsel. Bovendien kan cirrose de kans op het ontstaan van leverkanker aanzienlijk vergroten.

Hoe vaak kun je hepatitis C krijgen?

Hoewel hepatitis C is een virale ziekte is, zal na het doormaken van een dergelijke infectie in de meeste gevallen geen immuniteit op worden gebouwd door je lichaam. Op het ogenblik dat je na een eerder doorgemaakte infectie nog een keer in contact komt met het hepatitis C-virus dan bestaat de mogelijkheid dat je wederom besmet raakt. Dit in tegenstelling tot bij hepatitis A en B. Ook anders dan bij hepatitis A en B is dat er voor hepatitis C nog geen vaccinatie voor handen is. Inenten tegen deze vorm van leverontsteking is vandaag de dag dus (nog) niet mogelijk.