Zwangerschapsdiabetes

Zwangerschapsdiabetes is een vorm van suikerziekte die ontstaat tijdens de zwangerschap. Ongeveer 1 tot 2% van de vrouwen krijgen hiermee tijdens de tweede periode van hun zwangerschap mee te maken. Ondanks dat het een vorm van diabetes is zal deze direct overgaan na de bevalling. De meeste vrouwen krijgen ermee te maken tijdens de 24e week van hun zwangerschap. Natuurlijk kan het gebeuren dat een vrouw al eerder de diagnose van zwangerschapsdiabetes krijgt. Vaak worden vrouwen alleen getest op zwangerschapsdiabetes als er klachten ontstaan of als er al een eerdere keer diabetes tijdens de zwangerschap is ontstaan. Meestal wordt de eerste test gedaan als een vrouw 16 weken zwanger is.

Oorzaken zwangerschapsdiabetes

Tijdens de zwangerschap heb je niet alleen zelf voeding nodig, maar eet je kindje ook mee. Het is dus belangrijk dat je eigen suikerniveau hoog genoeg is om zowel jezelf als het kindje te voeden. Dit is een standaard verschijnsel alleen bij zwangerschapsdiabetes maakt het lichaam niet genoeg insuline aan om zowel het kindje als jezelf een voldoende suikerniveau te geven. Hierdoor blijft er eigenlijk teveel suiker in je bloed zitten en breekt je lichaam het te weinig af. Bij deze symptomen ontstaat er dus eigenlijk zwangerschapsdiabetes. Je hebt hier een grotere risico op als je voor de zwangerschap een BMI had van hoger dan 30. Als één van de ouders diabetes heeft dus ook de vader kan van invloed zijn. Of als je ooit een miskraam hebt gehad in het verleden.

Symptomen zwangerschapsdiabetes

  • De baby is tijdens de zwangerschap al steeds een stuk groter dan normaal.
  • Teveel aan vruchtwater
  • Regelmatig nodig moeten plassen (nog meer dan normaal bij een zwangerschap).
  • Veel last van dorst.
  • Vroeggeboorte
  • Hoofdpijn
  • Overal op het lichaam last van jeuk.
  • Een droge mond

Behandeling zwangerschapsdiabetes

Vaak is het belangrijk dat een toekomstige moeder het voedingspatroon aanpast. Er dienen minder koolhydraten gegeten te worden en minder vet. Als dit echt geen effect heeft en de suiker blijft erg hoog dan wordt er vaak besloten om tijdelijk insuline te spuiten. Vaak gebeurt dit alleen tijdens de zwangerschap en na afloop kan er gestopt worden met het spuiten van insuline. Na de geboorte van het kindje kan er besloten worden om tijdelijk een infuus te geven om zo het kindje als het ware te laten afkicken van de hoeveelheid suiker.

Buiten het volgen van een dieet wordt er vaak besloten om een zwangere vrouw wat meer beweging te geven. Een speciale fysiotherapeut kan een programma opstellen voor de dagelijkse beweging. Door iedere dag aan de beweging te houden in combinatie met het dieet kan de zwangerschapsdiabetes vanzelf overgaan. Pas als het echt allemaal niet helpt kan een behandeling met insuline worden aanbevolen.

Een kindje wordt vaak een stuk groter dan normaal door de zwangerschapsdiabetes. Het kan ook dat een kindje hierdoor een stuk eerder geboren wordt. Vanwege het formaat van het kleintje kan er besloten worden om het kindje vroegtijdig met een keizersnede te halen. Als het kindje te groot wordt dan kan het kindje vast komen te zitten in het geboortekanaal. Het wordt daarom vanaf een bepaalde afmeting van te voren besloten om het kindje vooraf met een keizersnede te halen.

Als er insuline gebruikt wordt voor de bevalling dan wordt een thuisbevalling vaak afgeraden. In overleg met een arts wordt er dan meestal besloten om het kindje in het ziekenhuis geboren te laten worden. Vaak worden hier duidelijke afspraken van te voren overgemaakt met zowel een verloskundige als een diabetes specialist.

Ondanks dat het kindje wat last kan hebben van ongemakken is de zwangerschapsdiabetes meestal niet schadelijk. Na een dag mag je gewoon net als alle andere ouders weer naar huis en genieten van je kindje.