4 feiten en fabels over varkensvlees

De laatste jaren wordt er meer en meer voor gepleit vlees, of toch althans rood vlees, links te laten liggen. Onze overmatige consumptie van rood vlees zou immers niet alleen schadelijk zijn voor het milieu, maar zou ook bepaalde negatieve gevolgen hebben voor de gezondheid van de mens. Dat klopt echter niet helemaal. Zo hoeft een gematigde consumptie van varkensvlees een gezonde levensstijl zeker niet in de weg te staan. Integendeel, varkensvlees bevat zelfs een aantal voedingsstoffen die belangrijk zijn voor ons lichaam. Aangezien het duidelijk is dat er nog heel wat misverstanden omtrent varkensvlees bestaan, helpen we even een aantal fabels uit te wereld. 

Varkensvlees moet altijd doorbakken zijn 

FEIT. Dat geldt echter niet alleen voor varkensvlees, maar voor de meeste vleessoorten. De reden is vrij eenvoudig. Vlees kan namelijk allerhande bacteriën of parasieten bevatten. Die kunnen gedood worden door het vlees goed te bakken. De meeste parasieten en bacteriën zitten aan de buitenkant van het vlees. Dat verklaart waarom vlees dat uit één stuk bestaat, zoals een varkenshaasje, zonder problemen rosé gegeten mag worden. Ook rundvlees kan je gerust bleu of saignant eten. Vleesproducten waarbij het oppervlak aan de binnenkant terechtkomt, zoals gehakt, moeten echter wel doorbakken zijn. 

Varkensvlees is vet, en dus ongezond

FABEL. Hoe vet je je varkensvlees wilt, bepaal jij zelf. Net zoals andere dieren heeft het varken immers vette, maar ook magere delen. Mager varkensvlees bevat slechts even veel vet als kip of mager rundvlees, en is daarmee zeker niet ongezonder dan andere vleessoorten. Mager varkensvlees krijgt zelfs Nutri-Score A. De Nutri-Score is een letter die informatie over de voedingswaarde van een bepaald product aangeeft. De Nutri-Score helpt consumenten gezondere keuzes te maken: producten die een A krijgen, zijn voedingsmiddelen die de voorkeur verdienen. Een E houdt in dat de consumptie beperkt moet worden. 

Gehakt en spek krijgen een lagere score dan mager varkensvlees, omdat ze vetter zijn. Zo krijgt ongekruid varkensgehakt Nutri-Score B. Gekruid varkensgehakt en varkensworst zijn het minst gezond: zij krijgen Nutri-Score C. Bovendien is het een misverstand dat vlees met een vetrandje automatisch vet is: het randje zorgt ervoor dat bepaalde smaakstoffen beter in het vlees trekken en dat het vlees lekker mals blijft. Daarnaast heb je ook simpelweg minder braadboter of olijfolie nodig om het vlees te braden. 

Varkensvlees bederft snel 

FEIT. Rauw varkensvlees bewaar je best niet al te lang, omdat het redelijk snel bederft. Er moet echter een onderscheid gemaakt worden tussen vlees dat in grote porties gesneden wordt en gemalen vlees. Grote stukken varkensvlees die voor gebraad of stoofvlees gebruikt worden, zijn meestal twee dagen houdbaar in de koelkast. Gemalen vlees blijft echter maar één dag goed. Dat heeft opnieuw te maken met het feit dat bacteriën, schimmels en parasieten zich vooral op de buitenkant van vlees bevinden, en dus sneller schade kunnen aanrichten bij gemalen vlees. Wil je dat je varkensvlees langer houdbaar blijft? Dan kan je het bereiden of in de diepvries steken. Bereid varkensvlees gaat zo’n 3 à 4 dagen mee, bevroren vlees blijft tot drie maanden goed. 

Varkensvlees is niet voedzaam 

FABEL. Zoals in de inleiding al vermeld, is vlees een belangrijke bron van bepaalde voedingsstoffen. Zo bevat varkensvlees hoogwaardige eiwitten, die onze lichaamscellen mee helpen opbouwen. Daarnaast bevat varkensvlees ook ijzer, wat belangrijk is om vermoeidheid tegen te gaan, en zink, wat bijdraagt tot de werking van ons immuunsysteem. Tot slot zitten ook belangrijke vitaminen zoals B1, B3, B6 en B12 in varkensvlees. Die zorgen voor een optimale werking van het zenuwstelsel en van onze weerstand.