scrollTop top

Covid-19 en de klimaatopwarming: it’s complicated

Covid-19 en de klimaatopwarming: it’s complicated

De uitstoot van broeikasgassen en fijnstof is in zowat heel de wereld sterk afgenomen nu landen proberen de verspreiding van het nieuwe coronavirus in te dammen. Is dat een vluchtige verandering, of kan het leiden tot langdurige emissiedalingen?

Tol

In China daalde de uitstoot aan het begin van het jaar met 25 procent omdat mensen de opdracht kregen om thuis te blijven. Fabrieken werden gesloten en het steenkoolverbruik daalde met 40 procent in de zes grootste elektriciteitscentrales van China in vergelijking met het laatste kwartaal van 2019. Het aantal dagen met ‘lucht van goede kwaliteit’ steeg met 11,4 procent vergeleken met dezelfde tijd vorig jaar in 337 steden in heel China. In Europa laten satellietbeelden zien dat de uitstoot van stikstofdioxide (NO2) maar ook van fijnstof, twee soorten luchtvervuiling die grote impact hebben op onze gezondheid, overal sterk zijn afgenomen.

Alleen een onmiddellijke en existentiële bedreiging als Covid-19 heeft zo snel tot zo’n ingrijpende verandering kunnen leiden, met tientallen duizenden wereldwijde sterfgevallen.

Daarnaast heeft de pandemie ook geleid tot enorm banenverlies en Covid-19 bedreigt het levensonderhoud van miljoenen mensen doordat bedrijven worstelen met de beperkingen die zijn ingesteld om het virus te bestrijden. De economische activiteit is tot stilstand gekomen en de aandelenmarkten zijn nog harder gedaald dan de CO -uitstoot.

Minder reizen en transport

Het scenario dat zich nu voltrekt, is precies het tegenovergestelde van het streven naar een koolstofarme, duurzame economie waar velen al tientallen jaren voor pleiten. Een wereldwijde pandemie die het leven van tienduizenden mensen eist, mag zeker ook niet worden gezien als een manier om onze milieuproblematiek aan te pakken of op te lossen.

Om te beginnen is het verre van zeker hoe duurzaam deze dip in emissies zal zijn. Als de pandemie uiteindelijk afneemt, zullen de uitstoot van koolstof en verontreinigende stoffen dan zo sterk terugveren dat het zal zijn alsof dit heldere intermezzo nooit is gebeurd? Of kunnen de veranderingen die we vandaag zien een hardnekkiger effect hebben?

Het eerste dat in overweging moet worden genomen om die vragen te beantwoorden, zijn de verschillende redenen waarom de uitstoot is gedaald.

Neem bijvoorbeeld transport, dat 23 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot uitmaakt. Deze uitstoot is op korte termijn gedaald in landen waar maatregelen zoals het binnenhouden van mensen en schrappen van onnodig reizen zijn ingesteld. Autorijden en de luchtvaart leveren een belangrijke bijdrage aan de emissies van het vervoer en dragen respectievelijk 72 procent en 11 procent bij aan de broeikasgasemissies van de transportsector. We weten dat deze emissies gedurende de periode van verminderde reizen tijdens de pandemie lager zullen blijven. Maar wat gebeurt er als de maatregelen uiteindelijk worden opgeheven?

In termen van routinematige reizen zoals woon-werkverkeer, komen die kilometers die niet zijn afgelegd tijdens de pandemie niet terug – je gaat niet twee keer per dag naar kantoor reizen om al de uren dat je thuis werkte in te halen. Maar hoe zit het met andere soorten reizen – kan zelfisolatie mensen ertoe aanzetten meer of net minder te reizen als de optie er weer is?

Eigenlijk weet niemand dat. Het kan zijn dat mensen die op dit moment reizen vermijden, hun prioriteiten gaan verleggen. Er is echter geen hard bewijs dat er een aanleiding kan zijn tot zo’n mentaliteitsverandering. Het kan ook zijn dat mensen langeafstandsreizen uitstellen, maar van plan zijn ze later te nemen. Frequent vliegen maakt een groot deel uit van de ecologische voetafdruk van mensen, dus deze uitstoot kan eenvoudig terugkomen als mensen terugkeren naar hun oude gewoonten.

Lessen uit het verleden

Kan het verleden ons hier iets over leren? Het is niet de eerste keer dat een epidemie zijn stempel drukt op het kooldioxidegehalte in de atmosfeer. Door de geschiedenis heen is de verspreiding van ziekten in verband gebracht met lagere emissies – zelfs lang voor het industriële tijdperk. Julia Pongratz, professor aan de afdeling Geografie van de Universiteit van München, ontdekte in ijskernen die geboord zijn aan de polen dat epidemieën zoals de Zwarte Dood in Europa in de 14e eeuw en de ziektes die de Spaanse veroveraars in de 16e eeuw naar Amerika exporteerden, hun sporen hebben achtergelaten in de atmosferische CO2-niveaus. Die veranderingen waren het resultaat van de hoge sterftecijfers door ziekte en, in het geval van de verovering van Amerika, door genocide. Andere studies hebben aangetoond dat deze sterfgevallen betekenden dat grote stukken eerder gecultiveerd land werden verlaten, verwilderden en daardoor opnieuw grote hoeveelheden CO2 begonnen op te nemen.

Er wordt niet voorspeld dat de impact van de huidige uitbraak zal leiden tot nagenoeg hetzelfde aantal doden, en het is onwaarschijnlijk dat dit zal leiden tot een wijdverbreide verandering in landgebruik. De gevolgen voor het milieu nu lijken meer op recentere wereldgebeurtenissen, zoals de financiële crash van 2008 en 2009. Ook toen daalde de wereldwijde uitstoot een jaar lang enorm. Gecombineerde emissies van industriële processen, fabricage en constructie vormen 18,4 procent van de wereldwijde antropogene emissies. De financiële crash van 2008-09 leidde tot een algemene emissiedip van 1,3 procent. Maar dat werd tenietgedaan tegen 2010 toen de economie herstelde, wat leidde tot een recordhoogte. Er zijn aanwijzingen dat het met het coronavirus op dezelfde manier zal lopen.

Andere tijden, andere gewoonten?

We weten uit sociaalwetenschappelijk onderzoek dat interventies effectiever zijn als ze plaatsvinden tijdens momenten van verandering. Een studie uit 2018 onder leiding van Corinne Moser van de Zürich University of Applied Sciences in Zwitserland wees uit dat wanneer mensen niet konden autorijden en in plaats daarvan gratis e-bikes kregen, ze veel minder met de wagen gingen rijden toen ze uiteindelijk hun auto terugkregen.

Een studie in 2001 onder leiding van Satoshi Fujii aan de Universiteit van Kyoto in Japan ontdekte dat wanneer een snelweg sloot en chauffeurs gedwongen werden het openbaar vervoer te gebruiken, hetzelfde gebeurde – toen de weg weer openging, reisden mensen die voorheen toegewijde chauffeurs waren, vaker met het openbaar vervoer.

Veranderende tijden kunnen dus leiden tot de introductie van blijvende gewoonten. En dat zou niet alleen kunnen opgaan voor de manier waarop we ons verplaatsen. Als we door hamstergedrag en gesloten bedrijven of bevoorradingslijnen een tekort aan voedsel zouden krijgen, zou dat kunnen aanzetten tot een veranderde mentaliteit inzake voedselverspilling bijvoorbeeld. Ook de manier waarop veel gemeenschappen grote stappen hebben genomen om elkaar te beschermen tegen de gezondheidscrisis, wekken hoop bij klimaatwetenschappers dat er ook snel actie kan worden ondernomen op het gebied van klimaatverandering als de bedreiging die ermee gepaard gaat eindelijk ernstig zou worden genomen.

3x positieve effecten van corona

Vissen krijgen vrij spel

De commerciële visserij is zo goed als stilgevallen wereldwijd, wat slecht nieuws is voor wie in die sector werkt. Maar voor de bedreigde vispopulaties in de wereld is de pandemie uitstekend nieuws. Nu al blijkt dat vispopulaties in oceanen spectaculair herstellen, en als de situatie ten minste een jaar aanhoudt, zouden de meeste vissen hun paaicyclus kunnen doorlopen. Dat kan voor sommige soorten voldoende zijn om er weer helemaal bovenop te komen.

Eindelijk in zicht: de top van de Himalaya

Voor het eerst in jaren zijn vanuit het noorden van India de besneeuwde bergtoppen van de Himalaya zichtbaar. Ten gevolge van het coronavirus en de verminderde uitstoot is er veel minder smog, waardoor de inwoners van de noordelijke deelstaat Punjab in India eindelijk eens zicht hebben op de toppen van de bergketen.

Schonere lucht

Door een verminderde uitstoot van stikstof omdat het verkeer quasi stil ligt, is de lucht overal een stuk schoner. In China en Italië lag de daling van stikstof ergens tussen 30 en 50 procent. NASA publiceerde op 2 maart een beeld van de lucht boven China, op basis van een satelliet van het Europese ruimtevaartagentschap ESA. Tussen 10 en 25 februari was er – op enkele vlekjes na – amper iets te zien. De maand voorheen kleurde het hele gebied tussen Beijing en Shanghai nog geel tot dieprood.


Deze artikelen kunnen u misschien ook interesseren…

Schrijf je in op “Gezond Vandaag” en ontvang de beste artikels dagelijks in je mailbox!