Waarom krijgen baby’s zoveel vaccins tegelijk?

Op het consult van acht weken krijgt een baby zijn eerste vaccinaties door de arts. Volgens het basisvaccinatieschema worden er bij dat consult drie vaccins geplaatst. Een van de drie vaccins beschermt tegen polio, difterie, tetanus, kinkhoest, haemophilus influenzae B en hepatitis B. Met zo’n type combinatievaccin wil men het aantal inentingen bij zuigelingen en peuters beperken. Wij beantwoorden vijf vragen in verband met vaccinatie bij kinderen. 

Wat is het voordeel van zo’n combinatievaccin? 

Artsen dienen meerdere vaccins in één spuitje toe omdat ze het aantal prikjes per visite willen beperken. Een combinatievaccin vermindert bovendien het risico op nevenwerkingen na de vaccinatie zonder afbreuk te doen aan de doeltreffendheid. Verder hoopt men met combinatievaccins ook te voorkomen dat teerhartige ouders vroegtijdig uit het vaccinatieprogramma stappen omdat ze er niet meer tegen kunnen dat er alweer een naald in het zacht velletje van hun oogappel geplant wordt. Hoe minder naalden er aan te pas komen, hoe beter. 

Waarom start het vaccinatieschema al op acht weken? 

Het vaccinatieschema start op acht weken omdat baby’s dan extra kwetsbaar zijn voor de infecties waartegen ze gevaccineerd worden. De antistoffen die ze voordien van hun moeder kregen, bieden hen niet langer bescherming. 

Hoe ziet het verdere verloop van het vaccinatieschema eruit? 

In Vlaanderen krijgen kinderen die het vaccinatieschema volgen zo’n twintig inentingen tot hun twaalfde levensjaar. De vaccins beschermen hen tegen kinderziekten zoals mazelen, bof, polio, rodehond en tegen ziekten die ook op volwassen leeftijd voorkomen zoals kinkhoest, tetanus en hepatitis B. Enkel het vaccin tegen polio is verplicht.

De meeste vaccins worden gegeven in het eerste anderhalf jaar van het leven. Voorbeelden zijn het mazelen-bof-rubellavaccin (waarmee een eerste keer op vijftien maanden wordt ingeënt, en een tweede keer op tien jaar) en het difterie-tetanus-kinkhoestvaccin (op drie, vier, vijf en dertien maanden en op zes jaar).

Zijn vaccins veilig? 

Vaccins zijn erg veilig. De meeste bijwerkingen die optreden na het toedienen van een vaccin zijn niet ernstig en tijdelijk van aard. Denk maar aan een pijnlijke arm, roodheid op de plek waar het prikje gegeven werd of milde koorts. Zeer zelden kan er zich een meer ernstige bijwerking voordoen, maar dat is een uitzondering op de regel. 

Vaccins worden pas toegediend na jarenlang onderzoek en testen. Bovendien kunnen ze je niet de ziekte geven waartegen ze bedoeld zijn, aangezien ze alleen dode of geïnactiveerde deeltjes van virussen of bacteriën bevatten. 

Mag je vaccinaties bij je kind uitstellen? 

Het is beter om het basisvaccinatieschema te volgen, want het uitstellen van vaccinaties kan de gezondheid van je kind onnodig in gevaar brengen. Blootstelling aan een ziekte is onvoorspelbaar. Je laat je kind dus best zo snel mogelijk inenten. Hoe langer je wacht met vaccineren, hoe groter de kans dat een infectie schade kan veroorzaken. 

Wie zijn kind niet laat vaccineren, ontzegt hem of haar een mogelijke bescherming. Merk op dat de meeste kinderziektes nog niet zijn uitgeroeid in Vlaanderen. Ze kunnen zich snel verspreiden door een kind dat niet gevaccineerd is.