Wereld Diabetes Dag: Francine (67) getuigt

wereld-diabetes-dag-francine-67-getuigt.jpg

Vandaag, 14 november, is Wereld Diabetes Dag. In België hebben naar schatting 1 op 12 volwassenen diabetes. Vooral diabetes type 2 komt vaak voor (in 90% van de gevallen), bij zwangere vrouwen kan ook een tijdelijke vorm van diabetes voorkomen. Niettemin blijft het voor buitenstaanders moeilijk om in te schatten welke impact de aandoening precies heeft op het leven van de patiënt. Net daarom deelt de Diabetes Liga op deze veel betekende dag graag alvast een getuigenis uit hun nieuwe boek Leven met diabetes type 2. Aan het woord is Francine (67), nadat eerder al haar grootmoeder en moeder aan diabetes leden, doken in 1994 ook de eerste symptomen bij haar op.

Diabetes zit duidelijk in de familie

Aanleg voor diabetes type 2 zit bij ons duidelijk in de familie. Het is begonnen bij mijn grootmoeder. Toen zij diabetes kreeg, lette ze heel goed op haar gezondheid. Ze at altijd bruine boterhammen, leefde sober. Uiteindelijk is ze helemaal niet aan diabetes overleden, maar door een stom ongeval. Ze stond voor de kachel in haar kamerjas, en die heeft vlam gevat. Ze hebben haar nog naar het ziekenhuis gevoerd, maar daar konden ze helaas niets meer doen. Ook mijn moeder kreeg, op haar zestigste, diabetes type 2. Ze was een soort zelfstandige verpleegster avant la lettre. Ze moest patiënten inspuitingen toedienen. Zelf weigerde ze echter elke injectie: het enige wat ze wou nemen, waren diabetespillen. Ze paste ook haar voeding niet aan, bleef vrolijk taartjes eten en bewoog amper. Haar moeder had veel honger geleden voor niets, vond ze. ‘Mij zullen ze niet liggen hebben’, zo redeneerde ze. Ja, mijn moeder kon nogal eigenzinnig uit de hoek komen (lacht).

Maar de gevolgen van dat ongezonde leefpatroon lieten niet lang op zich wachten. Mijn moeder heeft problemen gekregen met haar ogen, haar nieren, haar bloedvaten. Uiteindelijk was haar lichaam zo verzwakt, dat ze ook nog een zware longontsteking kreeg. De dokters hebben haar dan insuline-injecties gegeven zonder dat ze het wist. Ze kon niet anders dan toegeven dat die injecties haar toestand verbeterden, waardoor ze uiteindelijk toch heeft ingestemd met regelmatige inspuitingen. De behandeling kwam helaas te laat. Mijn moeder heeft ernstige voetwonden gekregen en ze hebben uiteindelijk een stuk van haar voeten moeten amputeren. Zeven maanden is ze in het ziekenhuis gebleven. Ze zou nooit meer naar huis komen: op haar 69ste overleed ze. Het was een echte lijdensweg, een zwaar aftakelingsproces. Vandaar dat ik heel veel schrik had om zelf diabetes te krijgen.

Maar ook al was ik bang om diabetes te krijgen, ingrijpen in mijn eet- en leefpatroon deed ik niet. Ik heb lang gedacht dat het mij niet zou overkomen. Voor mijn 44ste waren mijn voedingsgewoontes niet optimaal: ik at vrij veel zoetigheden en vet. Ik hield in die periode een cd-winkel in Aalst open. Ik ben zelf van die streek afkomstig, en veel kennissen sprongen regelmatig binnen met ontbijtkoeken of ander lekkers. Met als gevolg dat ik 99 kilo woog. Maar zolang ik geen last had van symptomen, voelde ik me niet gemotiveerd om iets te ondernemen.

‘Mieren in de benen’

De ommekeer kwam er toen ik in 1994 op reis ging naar Italië. Tijdens de vakantie begon ik de typische symptomen van diabetes te vertonen: voortdurend drinken, vaak zweten, veel plassen en ‘mieren’ in mijn benen. Door de geschiedenis met mijn moeder en grootmoeder wist ik meteen wat er aan de hand was. Thuis ben ik dan naar een dokter gestapt die tests liet uitvoeren. Mijn nuchtere glycemiewaarde bedroeg 227 – veel te hoog natuurlijk. Mijn eerste reactie was: ‘Ik eet niets meer.’ Ik was behoorlijk in paniek, maakte me vooral zorgen om mijn voeten. De gedeeltelijke amputatie van mijn moeder stond me nog helder voor de geest. De dokter schreef me diabetespillen voor en gaf me de raad op mijn voeding te letten en meer te bewegen. Echt uitgebreid was zijn advies niet. In die tijd bestond er nog geen diabetesteam om je te steunen en goede raad te geven. Ik heb het allemaal zelf moeten uitzoeken, ben ook op mijn eentje op dieet gegaan. Ik at alleen nog bruin brood met mager beleg: ’s middags één aardappel met een klein beetje vlees en veel groenten. Sindsdien ben ik ook meer beginnen te bewegen: elke dag vijf à zeven kilometer wandelen of fietsen op de hometrainer. Het regime werkte: een jaar later, in maart 1995, woog ik maar liefst 25 kilo minder.

Ik bleef mijn dieet strikt opvolgen en slikte trouw mijn medicijnen. Tot ik naar het ziekenhuis moest voor een operatie aan mijn baarmoeder. Na de operatie hebben de dokters mijn bloedsuikerwaardes nog eens getest. Daaruit bleek dat die weer tot een normaal niveau gezakt waren. Ik mocht stoppen met de glucoseverlagende pillen. De schrik voor diabetes zat er echter diep in bij mij, en ik ben blijven vermageren tot ik nog 55 kilo woog. Veel te extreem, bleek achteraf, maar dat besefte ik toen niet. Ik had het voortdurend koud, voelde me ’s morgens heel slap. Bovendien at ik niets van vet, terwijl dat absoluut noodzakelijk is om je darmen goed te laten functioneren. In de periode na de operatie liet ik me goed opvolgen. Alles liep goed tot in 2010, toen mijn waarden weer te hoog opliepen. Intussen was mijn eetpatroon alweer wat minder strikt geworden, en ik bewoog minder. Bovendien loop je met het ouder worden sowieso meer kans om diabetes type 2 te ontwikkelen. Deze keer was ik wel beter voorbereid op de diagnose. De dokter heeft me toen ook doorverwezen naar een diabeteseducator.

Met haar kon ik over alles praten, niet alleen over de praktische kant van de ziekte, maar ook over alle gevoelens die erbij komen kijken. Als je je gesteund voelt op emotioneel vlak, dan kun je veel aan. Sonja heeft me onder meer geholpen met mijn angsten rond diabetes. Niet dat die nu volledig weg zijn, maar de scherpe kantjes zijn er vanaf. Uiteindelijk zijn Sonja en ik zelfs vriendinnen geworden. We gaan samen soms wandelen, en we doen allebei vrijwilligerswerk voor het diabetesproject in de regio.

Fastfood

Mijn grootste zorg is nu dat een van mijn kinderen ook diabetes zou krijgen. Mijn man Jozef en ik hebben een zoon en een dochter. Over Stijn maak ik me niet zoveel zorgen, maar Katrijn eet vrij veel fastfood. Ze is nog jong natuurlijk, en gelukkig sport ze 

veel: ze gaat vaak tennissen, muurklimmen of fietsen. Jozef en ik proberen wel met haar te praten over de gevaren van diabetes type 2, maar daar heeft ze voorlopig niet veel oren naar. Veel jongeren associëren diabetes met oudere mensen, beschouwen de ziekte als een ver-van-mijn-bedshow. Heel af en toe, zo om de twee jaar, controleert ze toch haar waarden. Misschien beseft ze ergens wel dat ze risico loopt. Mijn kinderen zijn natuurlijk ook minder geconfronteerd geweest met de gevaren van diabetes dan ik. Voorlopig is bij mij alles onder controle. Maar diabetes blijft wel een ziekte die veel van je vraagt. Je staat ermee op en je gaat ermee slapen.

Leven met diabetes type 2 kan je onder andere hier kopen. 

Dit jaar kan je bovendien opnieuw de Diabetes Liga steunen door voor de Diabetes Liga als goed doel te kiezen tijdens de Warmste Week van Studio Brussel (18-24 december). Via www.diabetes.be/musicforlife vind je praktische informatie en tips rond het opzetten van een leuke actie. Verder kan ook dit jaar iedereen warm lopen voor de meer dan 1000 goede doelen van Music For Life. De Warmathon vindt opnieuw plaats in de vijf provinciehoofdsteden en de hoofdstad Brussel. Schrijf je hier in!