Behandelen melanoom met uitzaaiingen

behandelen-melanoom-met-uitzaaiingen.jpg

Een melanoom is een kwaadaardige vorm van huidkanker en ontstaat vanuit de pigmentcellen van de huid. Die pigmentcellen zijn over het algemeen gelijkmatig over de huid verdeeld behalve bij moedervlekken. Er is sprake van een melanoom wanneer een groep pigmentcellen verandert in een groep kankercellen. Soms is dat in een reeds bestaande moedervlek, maar een melanoom kan ook ontstaan op een volstrekt gave huid. 

Het is belangrijk om een melanoom tijdig op te merken, want dan is de kans op slagen van de behandeling nog vrij groot. Wanneer een patiënt een melanoom pas in een later stadium ontdekt, zijn andere methodes nodig om de kanker te kunnen behandelen.

Hoe wordt een verggevorderd melanoom behandeld?

Bij een melanoom hangt het type behandeling van verschillende factoren af: het stadium waarin de kanker zich bevindt, de kenmerken van de tumor en de risico's die de behandeling meebrengt voor de patiënt. In de eerste stadia van een melanoom is een operatie typisch de hoofdbehandeling. Wanneer echter reeds uitzaaiingen optraden (ofwel regionaal, in de lymfeklieren, ofwel in andere organen), zijn aanvullende behandelingen, zoals radiotherapie, chemotherapie, doelgerichte therapie, immunotherapie of een klinische studie, aangewezen.

1. Radiotherapie

Bij radiotherapie wordt gebruik gemaakt van radioactieve bestraling om de kankercellen te beschadigen of doden. Vanuit een uitwendige bron wordt bestraling op de tumor, de uitzaaiing of lymfeklieren gericht. Vaak volgt radiotherapie na een gedeeltelijk operatieve verwijdering van de tumor of uitzaaiingen. Soms wordt radiotherapie echter ook gebruikt om de pijn te verlichten die veroorzaakt wordt door uitzaaiingen in de hersenen of het bot.

2. Chemotherapie

Bij chemotherapie worden chemische stoffen gebruikt om de kankercellen te doden of om ervoor te zorgen dat ze zich niet meer kunnen delen. Die stoffen kunnen ofwel via een infuus ofwel via tabletten worden toegediend. Via het bloed verspreiden ze zich dan door het lichaam.

3. Doelgerichte therapie

Bij deze behandeling wordt geprobeerd om een mechanisme te blokkeren dat belangrijk is voor de tumorgroei. Bij melanoom is een mutatie van het BRAF-gen vaak verantwoordelijk voor de celdeling van de kankercellen. Doelgerichte therapie zorgt ervoor dat het gemuteerde gen uitgeschakeld wordt en de kankercellen stoppen met groeien. De patiënt neemt in de vorm van pillen BRAF-remmers in.

Kankercellen kunnen ook ontstaan door een mutatie in het MEK-pad, een ketting van eiwitten die een signaal dat waargenomen wordt aan de buitenkant van de cel doorgeeft aan de celkern. Bij een mutatie kan het doorgeven van dat signaal verstoord worden, waarbij bijvoorbeeld steeds dezelfde boodschap doorgegeven wordt (en niet de boodschap die ontvangen werd). Door die verstoorde communicatie is het mogelijk dat een cel zich ongecontroleerd begint te vermenigvuldigen en dus een kankercel wordt. Binnen een doelgerichte therapie worden dan eveneens remmers toegediend die de over-activering van het MEK-eiwit beïnvloeden.

Sinds 2015 is ook de combinatie van de twee types medicatie goedgekeurd voor patiënten met een BRAF V600 gen-mutatie.

4. Immunotherapie

Bij immuuntherapie wordt het immuunsysteem van de patiënt versterkt zodat het de kankercellen beter kan aanvallen. Via een infuus krijgen patiënten ipilimumab toegediend. Die stof zorgt ervoor dat het immuunsysteem de kankercellen kan herkennen en opruimen. 

5. Klinische studies

In sommige gevallen komt een patiënt voor geen enkele van bovenstaande behandelingen in aanmerking. Het is ook mogelijk dat een bepaalde behandeling niet aanslaat. In dat geval komt een patiënt eventueel wel in aanmerking voor een klinische studie. Bij een klinische studie wordt een geneesmiddel dat nog niet beschikbaar is voor het grote publiek onder strikt toezicht toegediend aan mensen. Door deel te nemen aan zo’n studie kunnen melanoom-patiënten een medicijn dat nog niet geregistreerd is als medicijn, maar hen mogelijk wel kan helpen, uitproberen.

Beter voorkomen dan genezen

Het spreekt uiteraard voor zich dat men bij het vaststellen van een verdachte pigmentvlek zo snel mogelijk de huisarts dient te verwittigen. Te lang wachten kan immers nefaste gevolgen hebben: ongeveer 55% van de patiënten met uitgezaaide melanomen overlijden wanneer niet op tijd wordt ingegrepen. 

Help mee aan deze klinische studie voor Melanoom

Bronnen