Foto, scan of echo: wanneer krijg je wat?

Iedereen moet vroeg of laat wel eens een echografie, een CT-scan, radiografisch onderzoek of MRI-scan ondergaan. Iets wat velen eigenlijk liever vermijden. Maar als je weet wat zo’n medisch onderzoek precies inhoudt, zal je sowieso minder stress ervaren. Daarom geven wij je een kort overzicht van de de verschillende technieken voor medische beeldvorming. We maken daarbij een onderscheid tussen technieken die wel en niet gebaseerd zijn op röntgenstraling.

Technieken met röntgenstraling

RX-opname of radiografie

Röntgenopnames worden gemaakt op basis van röntgenstralen of x-stralen. Via een RX-opname kan men als het ware doorheen de huid naar de binnenkant van het lichaam kijken. Daardoor kunnen bijvoorbeeld botstructuren in beeld gebracht kunnen worden. Röntgenfoto’s worden gebruikt om bijvoorbeeld een longletsel of –ontsteking op te sporen of om een breuk of gewrichtsafwijking in kaart te brengen.

CT-scan

Een CT-scan of computertomografiescan kan duidelijker dan een RX-opname het verschil tussen verschillende weefsels detecteren. Hierdoor kan men niet alleen het verschil tussen bot en weefsel zien, maar ook een afwijking binnen dat weefsel gedetailleerd opsporen. Net als bij een RX-opname, wordt bij deze techniek gebruik gemaakt van röntgenstraling. Merk op dat men dankzij de huidige digitalisering de stralingsdosis zo laag mogelijk kan houden.

Een CT-scan wordt gebruikt om alle delen van het menselijke lichaam te onderzoeken. Denk aan bloedvaten, gewrichten, buikholte, hart, longen, hoofd…

Technieken zonder röntgenstraling

Echografie

Bij een echografie maakt men gebruik van geluidsgolven die een heel hoge frequentie hebben, ultratonen. Die ultratonen worden door het echografietoestel richting het weefsel in kwestie gestuurd dat aan het trillen gebracht wordt. De geluidgolven worden vervolgens teruggekaatst en opgevangen door het toestel. Vandaar dus de naam ‘echo’.

Het is een veilige techniek waar geen röntgenstraling aan te pas komt. Een echografie wordt vaak gebruikt voor gynaecologisch onderzoek, bij zwangere vrouwen maar ook om info te verkrijgen over het hart, de bloedstroom, prostaat of borsten.

MRI-scan

MRI staat voor Magnetic Resonance Imaging. Het is een techniek waarbij gebruikt gemaakt wordt van een groot magnetisch veld en radiogolven om een bepaald lichaamsdeel, orgaan of de hersenen te onderzoeken. Het onderzoek is pijnloos en houdt geen gezondheidsrisico’s in, aangezien er gaan röntgenstraling aan te pas komt.

Een MRI-scan wordt gebruikt om kleine veranderingen in de volgende lichaamsonderdelen op te sporen: hersenen of hersenfunctie, ruggenmerg, zenuwen, spieren, hart(functie), buikorganen, gewrichtsbanden of pezen.

Een klassieke MRI-scan boezemt patiënten met claustrofobie soms angst in, omdat ze voor het onderzoek in een nauwe tunnel geschoven woorden. Ook voor zwaarlijvige patiënten, mindervaliden, kinderen… is zo’n onderzoek minder geschikt. Een open MRI-scanner kan in dat geval soelaas bieden. De patiënt neemt in zo’n scanner plaats tussen twee horizontale platen en bewaart het contact met de omgeving. In een centrum als Open MRI Zen in Sluis kunnen zowel Belgische als Nederlandse patiënten terecht voor een MRI-onderzoek.

Merk op dat mensen met metaal in hun lichaam, denk aan een pacemaker, cochleair implantaat of defibrillator, niet altijd in aanmerking komen voor een MRI-scan. Het is de arts die beslist welke techniek het meest geschikt is voor de patiënt en de situatie in kwestie. Vaak wordt in dit geval geopteerd voor een CT-scan.